Rechtspleging in ontnemingszaken

  • Borgers, M.J., (Researcher)
  • Groenhuijsen, Marc (Researcher)
  • van der Landen, D., (Researcher)
  • Simmelink, J.B.H.M., (Researcher)

Project: Research project

Description

In de ontnemingsprocedure van art. 511b-511i Sv wordt de omvang van de betalingsverplichting vastgesteld aan de hand van voordeelsberekening. Daarbij wordt de rechter geacht rekening te houden met de draagkracht van de veroordeelde. Het niet voldoen aan de betalingsverplichting is bedreigd met de vrijheidsbenemende maatregel van de vervangende hechtenis � na de aanvaarding van wetsvoorstel 28 079 de lijfsdwang. Deze maatregel zal ingeval van betalingsonwil ten uitvoer worden gelegd, doch niet ingeval van betalingsonmacht. Voor de vaststelling van de betalingsverplichting maakt de strafrechter gebruik van het materiaal aangedragen door het openbaar ministerie en de verdediging. Het openbaar ministerie verwerft dit materiaal in het voorbereidend onderzoek door het aanwenden van bijzondere dwangmiddelen gericht op het achterhalen en het veilig stellen van misdaadgeld. Het gaat dan vooral om het strafrechtelijk financieel onderzoek (art. 126-126f Sv) respectievelijk het strafvorderlijk conservatoir beslag (art. 94a-94d Sv).

In het kader van de strijd tegen financieel-economische criminaliteit zoals witwassen, corruptie en EG-fraude wenst de EU met kaderbesluiten te komen tot harmonisatie van nationale regelgeving inzake de opsporing, inbeslagneming en confiscatie van wederrechtelijk verkregen voordeel. De plicht tot uitvoering van deze kaderbesluiten noopt tot een kritische beschouwing van de mate van overeenstemming van bestaande Nederlandse regelgeving. Aanvaarding van thans binnen de EU gedane voorstellen op dit gebied zal de Nederlandse regelgeving in toenemende mate onder druk zetten.
StatusFinished
Effective start/end date1/06/031/01/08