Adolescents with type 1 diabetes

Towards a better understanding of mood problems and anxiety

L. Nguyen*

*Corresponding author for this work

Research output: ThesisDoctoral ThesisScientific

28 Downloads (Pure)

Abstract

Eerder onderzoek heeft gesuggereerd dat angst en depressie vaak voorkomen bij adolescenten (12-18 jaar) met type 1 diabetes (T1D) en mogelijk verband houden met diabetes uitkomstmaten.

In dit proefschrift toonden we via literatuuronderzoek echter aan dat maar een zeer beperkt aantal studies zich specifiek richt op adolescenten met T1D. Omdat de meeste studies op dit gebied gebruik maakten van symptoomgerichte vragenlijsten, is tevens niet helder hoe vaak angst- en stemmingsstoornissen voorkomen binnen deze groep. Verder lijkt er inderdaad een verband te zijn tussen de ernst van angst- en depressie symptomen en de meest gebruikte diabetesuitkomstmaat, het HbA1c. Of deze relatie ook over de tijd bestaat, is onduidelijk.

Mede om deze redenen is het Diabetes LEAP (Longitudinal study of Emotional problems in Adolescents with T1D and their Parents/caregivers) onderzoek opgezet. Dit onderzoek beoogde de prevalentie en het beloop van angst- en stemmingsstoornissen bij adolescenten met T1D en verhoogde angst en depressie symptomen bij ouders te onderzoeken. Het onderzoek had daarnaast als doel om biopsychosociale risicofactoren (waaronder angst en depressie symptomen bij ouders) voor angst- en stemmingsproblemen te bepalen, te bekijken of deze problemen een relatie tonen met diabetes uitkomstmaten, en de psychologische zorg voor angst- en stemmingsstoornissen voor adolescenten met T1D in kaart te brengen.

De resultaten van de studie laten zien dat angst- en stemmingsstoornissen veel voorkomen bij adolescenten met T1D. Het is belangrijk om bij adolescenten navraag te doen naar een mogelijke voorgeschiedenis van emotionele problemen, omdat deze sterk voorspellend zijn voor toekomstige klachten. Angst en depressie symptomen dienen daarbij deels in het kader van de medische aandoening gezien te worden vanwege de duidelijke samenhang met diabetes-specifieke zorgen.

Tegen onze verwachtingen in vonden we geen relatie tussen angst en depressie symptomen en verschillende maten van schommelingen in de glucosewaardes gedurende 3 weken. Ook bleken angst en depressie symptomen bij de ouder niet voorspellend voor latere angst en depressie symptomen of het HbA1c bij de adolescent. Wanneer angst- en stemmingsstoornissen opgespoord worden, kan het bespreken van de uitslagen van het onderzoek met de adolescent en diens ouder(s) door het diabetes team een manier zijn om vast te stellen of er ook sprake is van een psychologische hulpvraag. Een duidelijk verwijzingssysteem (met zowel interne psychologische zorgverleners als specialistische geestelijke gezondheidszorgverleners in de regio met enige kennis van T1D) kan bijdragen aan optimale zorg voor de jongeren die daar behoefte aan hebben.
Original languageEnglish
QualificationDoctor of Philosophy
Supervisors/Advisors
  • Pouwer, Frans, Promotor, External person
  • Nefs, Giesje, Co-promotor
  • Aanstoot, Henk Jan, Co-promotor, External person
  • Snoek, F.J., Member PhD commission, External person
  • van Bakel, Hedwig, Member PhD commission
  • Utens, E.M.W.J., Member PhD commission, External person
  • Kindt, K.C.M., Member PhD commission, External person
  • Mul, D., Member PhD commission, External person
Award date3 Jul 2019
Place of Publications.l.
Publisher
Print ISBNs978-94-6380-359-5
Publication statusPublished - 2019

Fingerprint

Caregivers
Parents

Cite this

@phdthesis{28822c29e8d441e79d8b465fd7f94217,
title = "Adolescents with type 1 diabetes: Towards a better understanding of mood problems and anxiety",
abstract = "Eerder onderzoek heeft gesuggereerd dat angst en depressie vaak voorkomen bij adolescenten (12-18 jaar) met type 1 diabetes (T1D) en mogelijk verband houden met diabetes uitkomstmaten. In dit proefschrift toonden we via literatuuronderzoek echter aan dat maar een zeer beperkt aantal studies zich specifiek richt op adolescenten met T1D. Omdat de meeste studies op dit gebied gebruik maakten van symptoomgerichte vragenlijsten, is tevens niet helder hoe vaak angst- en stemmingsstoornissen voorkomen binnen deze groep. Verder lijkt er inderdaad een verband te zijn tussen de ernst van angst- en depressie symptomen en de meest gebruikte diabetesuitkomstmaat, het HbA1c. Of deze relatie ook over de tijd bestaat, is onduidelijk. Mede om deze redenen is het Diabetes LEAP (Longitudinal study of Emotional problems in Adolescents with T1D and their Parents/caregivers) onderzoek opgezet. Dit onderzoek beoogde de prevalentie en het beloop van angst- en stemmingsstoornissen bij adolescenten met T1D en verhoogde angst en depressie symptomen bij ouders te onderzoeken. Het onderzoek had daarnaast als doel om biopsychosociale risicofactoren (waaronder angst en depressie symptomen bij ouders) voor angst- en stemmingsproblemen te bepalen, te bekijken of deze problemen een relatie tonen met diabetes uitkomstmaten, en de psychologische zorg voor angst- en stemmingsstoornissen voor adolescenten met T1D in kaart te brengen.De resultaten van de studie laten zien dat angst- en stemmingsstoornissen veel voorkomen bij adolescenten met T1D. Het is belangrijk om bij adolescenten navraag te doen naar een mogelijke voorgeschiedenis van emotionele problemen, omdat deze sterk voorspellend zijn voor toekomstige klachten. Angst en depressie symptomen dienen daarbij deels in het kader van de medische aandoening gezien te worden vanwege de duidelijke samenhang met diabetes-specifieke zorgen. Tegen onze verwachtingen in vonden we geen relatie tussen angst en depressie symptomen en verschillende maten van schommelingen in de glucosewaardes gedurende 3 weken. Ook bleken angst en depressie symptomen bij de ouder niet voorspellend voor latere angst en depressie symptomen of het HbA1c bij de adolescent. Wanneer angst- en stemmingsstoornissen opgespoord worden, kan het bespreken van de uitslagen van het onderzoek met de adolescent en diens ouder(s) door het diabetes team een manier zijn om vast te stellen of er ook sprake is van een psychologische hulpvraag. Een duidelijk verwijzingssysteem (met zowel interne psychologische zorgverleners als specialistische geestelijke gezondheidszorgverleners in de regio met enige kennis van T1D) kan bijdragen aan optimale zorg voor de jongeren die daar behoefte aan hebben.",
author = "L. Nguyen",
year = "2019",
language = "English",
isbn = "978-94-6380-359-5",
publisher = "Proefschriftmaken",

}

Adolescents with type 1 diabetes : Towards a better understanding of mood problems and anxiety. / Nguyen, L.

s.l. : Proefschriftmaken, 2019. 272 p.

Research output: ThesisDoctoral ThesisScientific

TY - THES

T1 - Adolescents with type 1 diabetes

T2 - Towards a better understanding of mood problems and anxiety

AU - Nguyen, L.

PY - 2019

Y1 - 2019

N2 - Eerder onderzoek heeft gesuggereerd dat angst en depressie vaak voorkomen bij adolescenten (12-18 jaar) met type 1 diabetes (T1D) en mogelijk verband houden met diabetes uitkomstmaten. In dit proefschrift toonden we via literatuuronderzoek echter aan dat maar een zeer beperkt aantal studies zich specifiek richt op adolescenten met T1D. Omdat de meeste studies op dit gebied gebruik maakten van symptoomgerichte vragenlijsten, is tevens niet helder hoe vaak angst- en stemmingsstoornissen voorkomen binnen deze groep. Verder lijkt er inderdaad een verband te zijn tussen de ernst van angst- en depressie symptomen en de meest gebruikte diabetesuitkomstmaat, het HbA1c. Of deze relatie ook over de tijd bestaat, is onduidelijk. Mede om deze redenen is het Diabetes LEAP (Longitudinal study of Emotional problems in Adolescents with T1D and their Parents/caregivers) onderzoek opgezet. Dit onderzoek beoogde de prevalentie en het beloop van angst- en stemmingsstoornissen bij adolescenten met T1D en verhoogde angst en depressie symptomen bij ouders te onderzoeken. Het onderzoek had daarnaast als doel om biopsychosociale risicofactoren (waaronder angst en depressie symptomen bij ouders) voor angst- en stemmingsproblemen te bepalen, te bekijken of deze problemen een relatie tonen met diabetes uitkomstmaten, en de psychologische zorg voor angst- en stemmingsstoornissen voor adolescenten met T1D in kaart te brengen.De resultaten van de studie laten zien dat angst- en stemmingsstoornissen veel voorkomen bij adolescenten met T1D. Het is belangrijk om bij adolescenten navraag te doen naar een mogelijke voorgeschiedenis van emotionele problemen, omdat deze sterk voorspellend zijn voor toekomstige klachten. Angst en depressie symptomen dienen daarbij deels in het kader van de medische aandoening gezien te worden vanwege de duidelijke samenhang met diabetes-specifieke zorgen. Tegen onze verwachtingen in vonden we geen relatie tussen angst en depressie symptomen en verschillende maten van schommelingen in de glucosewaardes gedurende 3 weken. Ook bleken angst en depressie symptomen bij de ouder niet voorspellend voor latere angst en depressie symptomen of het HbA1c bij de adolescent. Wanneer angst- en stemmingsstoornissen opgespoord worden, kan het bespreken van de uitslagen van het onderzoek met de adolescent en diens ouder(s) door het diabetes team een manier zijn om vast te stellen of er ook sprake is van een psychologische hulpvraag. Een duidelijk verwijzingssysteem (met zowel interne psychologische zorgverleners als specialistische geestelijke gezondheidszorgverleners in de regio met enige kennis van T1D) kan bijdragen aan optimale zorg voor de jongeren die daar behoefte aan hebben.

AB - Eerder onderzoek heeft gesuggereerd dat angst en depressie vaak voorkomen bij adolescenten (12-18 jaar) met type 1 diabetes (T1D) en mogelijk verband houden met diabetes uitkomstmaten. In dit proefschrift toonden we via literatuuronderzoek echter aan dat maar een zeer beperkt aantal studies zich specifiek richt op adolescenten met T1D. Omdat de meeste studies op dit gebied gebruik maakten van symptoomgerichte vragenlijsten, is tevens niet helder hoe vaak angst- en stemmingsstoornissen voorkomen binnen deze groep. Verder lijkt er inderdaad een verband te zijn tussen de ernst van angst- en depressie symptomen en de meest gebruikte diabetesuitkomstmaat, het HbA1c. Of deze relatie ook over de tijd bestaat, is onduidelijk. Mede om deze redenen is het Diabetes LEAP (Longitudinal study of Emotional problems in Adolescents with T1D and their Parents/caregivers) onderzoek opgezet. Dit onderzoek beoogde de prevalentie en het beloop van angst- en stemmingsstoornissen bij adolescenten met T1D en verhoogde angst en depressie symptomen bij ouders te onderzoeken. Het onderzoek had daarnaast als doel om biopsychosociale risicofactoren (waaronder angst en depressie symptomen bij ouders) voor angst- en stemmingsproblemen te bepalen, te bekijken of deze problemen een relatie tonen met diabetes uitkomstmaten, en de psychologische zorg voor angst- en stemmingsstoornissen voor adolescenten met T1D in kaart te brengen.De resultaten van de studie laten zien dat angst- en stemmingsstoornissen veel voorkomen bij adolescenten met T1D. Het is belangrijk om bij adolescenten navraag te doen naar een mogelijke voorgeschiedenis van emotionele problemen, omdat deze sterk voorspellend zijn voor toekomstige klachten. Angst en depressie symptomen dienen daarbij deels in het kader van de medische aandoening gezien te worden vanwege de duidelijke samenhang met diabetes-specifieke zorgen. Tegen onze verwachtingen in vonden we geen relatie tussen angst en depressie symptomen en verschillende maten van schommelingen in de glucosewaardes gedurende 3 weken. Ook bleken angst en depressie symptomen bij de ouder niet voorspellend voor latere angst en depressie symptomen of het HbA1c bij de adolescent. Wanneer angst- en stemmingsstoornissen opgespoord worden, kan het bespreken van de uitslagen van het onderzoek met de adolescent en diens ouder(s) door het diabetes team een manier zijn om vast te stellen of er ook sprake is van een psychologische hulpvraag. Een duidelijk verwijzingssysteem (met zowel interne psychologische zorgverleners als specialistische geestelijke gezondheidszorgverleners in de regio met enige kennis van T1D) kan bijdragen aan optimale zorg voor de jongeren die daar behoefte aan hebben.

M3 - Doctoral Thesis

SN - 978-94-6380-359-5

PB - Proefschriftmaken

CY - s.l.

ER -