Bewust Ontwikkelen Stimuleren

Bewegingsmechanisme in Techniek Onderwijs

R.M.H.E.G. van Baest

    Research output: ThesisDoctoral ThesisScientific

    437 Downloads (Pure)

    Abstract

    Het onderzoek sluit aan bij een visie in onze samenleving die leren ziet als een levenslang proces dat niet tot het onderwijs beperkt blijft, het is tevens een continue proces waarin een persoon in staat is om zijn eigen leren aan te sturen. Reflectie en bewustwording zijn basisvoorwaarden in dit proces.
    De nadruk ligt op een intra-persoonlijke benadering.
    Het onderzoek speelt zich af in de praktijk van een didactisch-pedagogisch project in het Hoger Techniek onderwijs. Komen tot bewuste persoonlijke ontwikkeling is geen vanzelfsprekend proces. Een zoektocht naar de weg naar binnen is wezenlijk om betekenis aan zichzelf en zijn omgeving toe te kennen.
    Het is niet altijd vanzelfsprekend dat (Techniek) studenten zelf in beweging komen voor hun persoonlijke ontwikkeling. De volgende kernvraag is daarom geformuleerd: zijn er mogelijkheden om studenten Techniek te stimuleren tot bewuste ontwikkeling van hun persoonlijke kwaliteiten?
    Het zoeken naar mogelijkheden om studenten Werktuigbouwkunde te stimuleren tot persoonlijke ontwikkeling: een probleemanalyse waarin wordt gezocht naar het “weten hoe”, en als docent-onderzoeker een gevoeligheid ontwikkelen voor het perspectief van studenten, gaan samen.
    Het onderzoek is te zien als een exploratief en participerend actie gericht onderzoek in het onderwijs. De aard van een exploratief onderzoek houdt in dat er geen strikt van te voren vastgelegde route door de onderzoeker kan worden gevolgd: het is een proces van ontdekkend onderzoeken. Het onderzoek blijft dicht bij de onderzoekpraktijk en is gericht op verandering. Een positieve en waarderende dialoog is steeds het uitgangspunt om openstelling voor bewuste reflectie te stimuleren. De onderwijsvisie van de onderzoeker is sterk verwant aan het ervaringsleren van Kolb, die vooral is gericht op intra-persoonlijke ontwikkeling. De ervaringsgerichte docent heeft binnen de theorie van Kolb een wezenlijke rol.
    Het praktijk gedeelte van het onderzoek bestaat uit twee delen: een veldexperiment (vooronderzoek) en een casestudy.
    De onderzoekgegevens in het praktijkonderzoek zijn zowel in Deel 1 als in Deel 2 verzameld via zelfrapportering.
    In Deel 1. Vooronderzoek, is sprake van een Veldexperiment. De benaming refereert aan de methode van gegevensverzameling. Tijdens het veldexperiment ontwikkelt de onderzoeker een zekere gevoeligheid voor het perspectief van studenten Werktuigbouwkunde op hun persoonlijke ontwikkeling. In deze fase vindt tevens het expliciet benoemen van de Onderzoekbegrippen plaats.
    In Deel 2. Casestudy, is gekozen voor een kleinschalig verdiepend onderzoek in relatie tot de Onderzoekbegrippen. Deel 2 bevat drie kwalitatieve semigestructureerde diepte-interviews afgenomen bij telkens 10 onderzoekstudenten aan de hand van vooraf opgestelde topiclijsten. Het gaat steeds om de achterliggende vraag: welke betekenis geven de onderzoekstudenten zelf aan hun persoonlijke ontwikkeling tijdens hun opleiding?
    Het praktijkonderzoek heeft uiteindelijk geresulteerd in het formuleren van het B.O.S. model: het Bewust Ontwikkelen Stimuleren model. Het B.O.S. model bestaat uit twee delen. Deel 1 is gericht op het stimuleren tot openstelling en in beweging brengen van de persoonlijke ontwikkeling van studenten Werktuigbouwkunde. Deel 2 omvat een drietal interviews verspreid over een langere onderwijsperiode. De gesprekken zijn gericht op de individuele, persoonlijke ontwikkeling van studenten binnen het kader van hun onderwijssituatie.
    Het hanteren van de methode van aanpak van het B.O.S. model biedt in dit onderzoek een mogelijkheid om studenten Werktuigbouwkunde te stimuleren tot openstelling voor hun persoonlijke ontwikkeling.
    Original languageDutch
    QualificationDoctor of Philosophy
    Awarding Institution
    • Tilburg University
    Supervisors/Advisors
    • Rijsman, John, Promotor
    • van Loon, E.J.P.M., Member PhD commission
    • Kessels, J., Member PhD commission, External person
    • Witvliet, L., Member PhD commission, External person
    • Schoenmakers, L., Member PhD commission, External person
    Award date12 Apr 2017
    Place of PublicationS.l.
    Publisher
    Publication statusPublished - 2017

    Cite this

    van Baest, R. M. H. E. G. (2017). Bewust Ontwikkelen Stimuleren: Bewegingsmechanisme in Techniek Onderwijs. S.l.: [s.n.].
    van Baest, R.M.H.E.G.. / Bewust Ontwikkelen Stimuleren : Bewegingsmechanisme in Techniek Onderwijs. S.l. : [s.n.], 2017. 399 p.
    @phdthesis{e672bdd5dc0845f88f6452479c50c73b,
    title = "Bewust Ontwikkelen Stimuleren: Bewegingsmechanisme in Techniek Onderwijs",
    abstract = "Het onderzoek sluit aan bij een visie in onze samenleving die leren ziet als een levenslang proces dat niet tot het onderwijs beperkt blijft, het is tevens een continue proces waarin een persoon in staat is om zijn eigen leren aan te sturen. Reflectie en bewustwording zijn basisvoorwaarden in dit proces.De nadruk ligt op een intra-persoonlijke benadering.Het onderzoek speelt zich af in de praktijk van een didactisch-pedagogisch project in het Hoger Techniek onderwijs. Komen tot bewuste persoonlijke ontwikkeling is geen vanzelfsprekend proces. Een zoektocht naar de weg naar binnen is wezenlijk om betekenis aan zichzelf en zijn omgeving toe te kennen.Het is niet altijd vanzelfsprekend dat (Techniek) studenten zelf in beweging komen voor hun persoonlijke ontwikkeling. De volgende kernvraag is daarom geformuleerd: zijn er mogelijkheden om studenten Techniek te stimuleren tot bewuste ontwikkeling van hun persoonlijke kwaliteiten?Het zoeken naar mogelijkheden om studenten Werktuigbouwkunde te stimuleren tot persoonlijke ontwikkeling: een probleemanalyse waarin wordt gezocht naar het “weten hoe”, en als docent-onderzoeker een gevoeligheid ontwikkelen voor het perspectief van studenten, gaan samen.Het onderzoek is te zien als een exploratief en participerend actie gericht onderzoek in het onderwijs. De aard van een exploratief onderzoek houdt in dat er geen strikt van te voren vastgelegde route door de onderzoeker kan worden gevolgd: het is een proces van ontdekkend onderzoeken. Het onderzoek blijft dicht bij de onderzoekpraktijk en is gericht op verandering. Een positieve en waarderende dialoog is steeds het uitgangspunt om openstelling voor bewuste reflectie te stimuleren. De onderwijsvisie van de onderzoeker is sterk verwant aan het ervaringsleren van Kolb, die vooral is gericht op intra-persoonlijke ontwikkeling. De ervaringsgerichte docent heeft binnen de theorie van Kolb een wezenlijke rol.Het praktijk gedeelte van het onderzoek bestaat uit twee delen: een veldexperiment (vooronderzoek) en een casestudy.De onderzoekgegevens in het praktijkonderzoek zijn zowel in Deel 1 als in Deel 2 verzameld via zelfrapportering.In Deel 1. Vooronderzoek, is sprake van een Veldexperiment. De benaming refereert aan de methode van gegevensverzameling. Tijdens het veldexperiment ontwikkelt de onderzoeker een zekere gevoeligheid voor het perspectief van studenten Werktuigbouwkunde op hun persoonlijke ontwikkeling. In deze fase vindt tevens het expliciet benoemen van de Onderzoekbegrippen plaats.In Deel 2. Casestudy, is gekozen voor een kleinschalig verdiepend onderzoek in relatie tot de Onderzoekbegrippen. Deel 2 bevat drie kwalitatieve semigestructureerde diepte-interviews afgenomen bij telkens 10 onderzoekstudenten aan de hand van vooraf opgestelde topiclijsten. Het gaat steeds om de achterliggende vraag: welke betekenis geven de onderzoekstudenten zelf aan hun persoonlijke ontwikkeling tijdens hun opleiding?Het praktijkonderzoek heeft uiteindelijk geresulteerd in het formuleren van het B.O.S. model: het Bewust Ontwikkelen Stimuleren model. Het B.O.S. model bestaat uit twee delen. Deel 1 is gericht op het stimuleren tot openstelling en in beweging brengen van de persoonlijke ontwikkeling van studenten Werktuigbouwkunde. Deel 2 omvat een drietal interviews verspreid over een langere onderwijsperiode. De gesprekken zijn gericht op de individuele, persoonlijke ontwikkeling van studenten binnen het kader van hun onderwijssituatie.Het hanteren van de methode van aanpak van het B.O.S. model biedt in dit onderzoek een mogelijkheid om studenten Werktuigbouwkunde te stimuleren tot openstelling voor hun persoonlijke ontwikkeling.",
    author = "{van Baest}, R.M.H.E.G.",
    year = "2017",
    language = "Dutch",
    publisher = "[s.n.]",
    school = "Tilburg University",

    }

    van Baest, RMHEG 2017, 'Bewust Ontwikkelen Stimuleren: Bewegingsmechanisme in Techniek Onderwijs', Doctor of Philosophy, Tilburg University, S.l..

    Bewust Ontwikkelen Stimuleren : Bewegingsmechanisme in Techniek Onderwijs. / van Baest, R.M.H.E.G.

    S.l. : [s.n.], 2017. 399 p.

    Research output: ThesisDoctoral ThesisScientific

    TY - THES

    T1 - Bewust Ontwikkelen Stimuleren

    T2 - Bewegingsmechanisme in Techniek Onderwijs

    AU - van Baest, R.M.H.E.G.

    PY - 2017

    Y1 - 2017

    N2 - Het onderzoek sluit aan bij een visie in onze samenleving die leren ziet als een levenslang proces dat niet tot het onderwijs beperkt blijft, het is tevens een continue proces waarin een persoon in staat is om zijn eigen leren aan te sturen. Reflectie en bewustwording zijn basisvoorwaarden in dit proces.De nadruk ligt op een intra-persoonlijke benadering.Het onderzoek speelt zich af in de praktijk van een didactisch-pedagogisch project in het Hoger Techniek onderwijs. Komen tot bewuste persoonlijke ontwikkeling is geen vanzelfsprekend proces. Een zoektocht naar de weg naar binnen is wezenlijk om betekenis aan zichzelf en zijn omgeving toe te kennen.Het is niet altijd vanzelfsprekend dat (Techniek) studenten zelf in beweging komen voor hun persoonlijke ontwikkeling. De volgende kernvraag is daarom geformuleerd: zijn er mogelijkheden om studenten Techniek te stimuleren tot bewuste ontwikkeling van hun persoonlijke kwaliteiten?Het zoeken naar mogelijkheden om studenten Werktuigbouwkunde te stimuleren tot persoonlijke ontwikkeling: een probleemanalyse waarin wordt gezocht naar het “weten hoe”, en als docent-onderzoeker een gevoeligheid ontwikkelen voor het perspectief van studenten, gaan samen.Het onderzoek is te zien als een exploratief en participerend actie gericht onderzoek in het onderwijs. De aard van een exploratief onderzoek houdt in dat er geen strikt van te voren vastgelegde route door de onderzoeker kan worden gevolgd: het is een proces van ontdekkend onderzoeken. Het onderzoek blijft dicht bij de onderzoekpraktijk en is gericht op verandering. Een positieve en waarderende dialoog is steeds het uitgangspunt om openstelling voor bewuste reflectie te stimuleren. De onderwijsvisie van de onderzoeker is sterk verwant aan het ervaringsleren van Kolb, die vooral is gericht op intra-persoonlijke ontwikkeling. De ervaringsgerichte docent heeft binnen de theorie van Kolb een wezenlijke rol.Het praktijk gedeelte van het onderzoek bestaat uit twee delen: een veldexperiment (vooronderzoek) en een casestudy.De onderzoekgegevens in het praktijkonderzoek zijn zowel in Deel 1 als in Deel 2 verzameld via zelfrapportering.In Deel 1. Vooronderzoek, is sprake van een Veldexperiment. De benaming refereert aan de methode van gegevensverzameling. Tijdens het veldexperiment ontwikkelt de onderzoeker een zekere gevoeligheid voor het perspectief van studenten Werktuigbouwkunde op hun persoonlijke ontwikkeling. In deze fase vindt tevens het expliciet benoemen van de Onderzoekbegrippen plaats.In Deel 2. Casestudy, is gekozen voor een kleinschalig verdiepend onderzoek in relatie tot de Onderzoekbegrippen. Deel 2 bevat drie kwalitatieve semigestructureerde diepte-interviews afgenomen bij telkens 10 onderzoekstudenten aan de hand van vooraf opgestelde topiclijsten. Het gaat steeds om de achterliggende vraag: welke betekenis geven de onderzoekstudenten zelf aan hun persoonlijke ontwikkeling tijdens hun opleiding?Het praktijkonderzoek heeft uiteindelijk geresulteerd in het formuleren van het B.O.S. model: het Bewust Ontwikkelen Stimuleren model. Het B.O.S. model bestaat uit twee delen. Deel 1 is gericht op het stimuleren tot openstelling en in beweging brengen van de persoonlijke ontwikkeling van studenten Werktuigbouwkunde. Deel 2 omvat een drietal interviews verspreid over een langere onderwijsperiode. De gesprekken zijn gericht op de individuele, persoonlijke ontwikkeling van studenten binnen het kader van hun onderwijssituatie.Het hanteren van de methode van aanpak van het B.O.S. model biedt in dit onderzoek een mogelijkheid om studenten Werktuigbouwkunde te stimuleren tot openstelling voor hun persoonlijke ontwikkeling.

    AB - Het onderzoek sluit aan bij een visie in onze samenleving die leren ziet als een levenslang proces dat niet tot het onderwijs beperkt blijft, het is tevens een continue proces waarin een persoon in staat is om zijn eigen leren aan te sturen. Reflectie en bewustwording zijn basisvoorwaarden in dit proces.De nadruk ligt op een intra-persoonlijke benadering.Het onderzoek speelt zich af in de praktijk van een didactisch-pedagogisch project in het Hoger Techniek onderwijs. Komen tot bewuste persoonlijke ontwikkeling is geen vanzelfsprekend proces. Een zoektocht naar de weg naar binnen is wezenlijk om betekenis aan zichzelf en zijn omgeving toe te kennen.Het is niet altijd vanzelfsprekend dat (Techniek) studenten zelf in beweging komen voor hun persoonlijke ontwikkeling. De volgende kernvraag is daarom geformuleerd: zijn er mogelijkheden om studenten Techniek te stimuleren tot bewuste ontwikkeling van hun persoonlijke kwaliteiten?Het zoeken naar mogelijkheden om studenten Werktuigbouwkunde te stimuleren tot persoonlijke ontwikkeling: een probleemanalyse waarin wordt gezocht naar het “weten hoe”, en als docent-onderzoeker een gevoeligheid ontwikkelen voor het perspectief van studenten, gaan samen.Het onderzoek is te zien als een exploratief en participerend actie gericht onderzoek in het onderwijs. De aard van een exploratief onderzoek houdt in dat er geen strikt van te voren vastgelegde route door de onderzoeker kan worden gevolgd: het is een proces van ontdekkend onderzoeken. Het onderzoek blijft dicht bij de onderzoekpraktijk en is gericht op verandering. Een positieve en waarderende dialoog is steeds het uitgangspunt om openstelling voor bewuste reflectie te stimuleren. De onderwijsvisie van de onderzoeker is sterk verwant aan het ervaringsleren van Kolb, die vooral is gericht op intra-persoonlijke ontwikkeling. De ervaringsgerichte docent heeft binnen de theorie van Kolb een wezenlijke rol.Het praktijk gedeelte van het onderzoek bestaat uit twee delen: een veldexperiment (vooronderzoek) en een casestudy.De onderzoekgegevens in het praktijkonderzoek zijn zowel in Deel 1 als in Deel 2 verzameld via zelfrapportering.In Deel 1. Vooronderzoek, is sprake van een Veldexperiment. De benaming refereert aan de methode van gegevensverzameling. Tijdens het veldexperiment ontwikkelt de onderzoeker een zekere gevoeligheid voor het perspectief van studenten Werktuigbouwkunde op hun persoonlijke ontwikkeling. In deze fase vindt tevens het expliciet benoemen van de Onderzoekbegrippen plaats.In Deel 2. Casestudy, is gekozen voor een kleinschalig verdiepend onderzoek in relatie tot de Onderzoekbegrippen. Deel 2 bevat drie kwalitatieve semigestructureerde diepte-interviews afgenomen bij telkens 10 onderzoekstudenten aan de hand van vooraf opgestelde topiclijsten. Het gaat steeds om de achterliggende vraag: welke betekenis geven de onderzoekstudenten zelf aan hun persoonlijke ontwikkeling tijdens hun opleiding?Het praktijkonderzoek heeft uiteindelijk geresulteerd in het formuleren van het B.O.S. model: het Bewust Ontwikkelen Stimuleren model. Het B.O.S. model bestaat uit twee delen. Deel 1 is gericht op het stimuleren tot openstelling en in beweging brengen van de persoonlijke ontwikkeling van studenten Werktuigbouwkunde. Deel 2 omvat een drietal interviews verspreid over een langere onderwijsperiode. De gesprekken zijn gericht op de individuele, persoonlijke ontwikkeling van studenten binnen het kader van hun onderwijssituatie.Het hanteren van de methode van aanpak van het B.O.S. model biedt in dit onderzoek een mogelijkheid om studenten Werktuigbouwkunde te stimuleren tot openstelling voor hun persoonlijke ontwikkeling.

    M3 - Doctoral Thesis

    PB - [s.n.]

    CY - S.l.

    ER -