De hijger en artikel 239 Sr

F. van Laanen

    Research output: Contribution to journalArticleScientific

    49 Downloads (Pure)

    Abstract

    Schrijver betwist het oordeel van de Hoge Raad in zijn arrest van 9 december 2003, LJN-nr. AL8452, zaaknr. 02679/02. De Hoge Raad besliste in dat arrest op grond van de wetsgeschiedenis dat schennis van de eerbaarheid niet door middel van het gesproken woord kan worden gepleegd. Schrijver betoogt op grond van de wetsgeschiedenis ad art. 131 Sr en ad art. 451 Sr (thans vervallen) dat zulks onjuist is en dat de Hoge Raad het gebruik van een nuttig instrument ter bestrijding van de overlast door hijgers onmogelijk heeft gemaakt.
    Original languageDutch
    Pages (from-to)382-383
    Number of pages2
    JournalNederlands Juristenblad
    Volume79
    Publication statusPublished - 2004

    Cite this

    van Laanen, F. (2004). De hijger en artikel 239 Sr. Nederlands Juristenblad, 79, 382-383.
    van Laanen, F. / De hijger en artikel 239 Sr. In: Nederlands Juristenblad. 2004 ; Vol. 79. pp. 382-383.
    @article{d4a8c69632434fb48e76597bc8f16403,
    title = "De hijger en artikel 239 Sr",
    abstract = "Schrijver betwist het oordeel van de Hoge Raad in zijn arrest van 9 december 2003, LJN-nr. AL8452, zaaknr. 02679/02. De Hoge Raad besliste in dat arrest op grond van de wetsgeschiedenis dat schennis van de eerbaarheid niet door middel van het gesproken woord kan worden gepleegd. Schrijver betoogt op grond van de wetsgeschiedenis ad art. 131 Sr en ad art. 451 Sr (thans vervallen) dat zulks onjuist is en dat de Hoge Raad het gebruik van een nuttig instrument ter bestrijding van de overlast door hijgers onmogelijk heeft gemaakt.",
    author = "{van Laanen}, F.",
    note = "Pagination: 2",
    year = "2004",
    language = "Dutch",
    volume = "79",
    pages = "382--383",
    journal = "Nederlands Juristenblad",
    issn = "0165-0483",
    publisher = "Wolters Kluwer",

    }

    van Laanen, F 2004, 'De hijger en artikel 239 Sr', Nederlands Juristenblad, vol. 79, pp. 382-383.

    De hijger en artikel 239 Sr. / van Laanen, F.

    In: Nederlands Juristenblad, Vol. 79, 2004, p. 382-383.

    Research output: Contribution to journalArticleScientific

    TY - JOUR

    T1 - De hijger en artikel 239 Sr

    AU - van Laanen, F.

    N1 - Pagination: 2

    PY - 2004

    Y1 - 2004

    N2 - Schrijver betwist het oordeel van de Hoge Raad in zijn arrest van 9 december 2003, LJN-nr. AL8452, zaaknr. 02679/02. De Hoge Raad besliste in dat arrest op grond van de wetsgeschiedenis dat schennis van de eerbaarheid niet door middel van het gesproken woord kan worden gepleegd. Schrijver betoogt op grond van de wetsgeschiedenis ad art. 131 Sr en ad art. 451 Sr (thans vervallen) dat zulks onjuist is en dat de Hoge Raad het gebruik van een nuttig instrument ter bestrijding van de overlast door hijgers onmogelijk heeft gemaakt.

    AB - Schrijver betwist het oordeel van de Hoge Raad in zijn arrest van 9 december 2003, LJN-nr. AL8452, zaaknr. 02679/02. De Hoge Raad besliste in dat arrest op grond van de wetsgeschiedenis dat schennis van de eerbaarheid niet door middel van het gesproken woord kan worden gepleegd. Schrijver betoogt op grond van de wetsgeschiedenis ad art. 131 Sr en ad art. 451 Sr (thans vervallen) dat zulks onjuist is en dat de Hoge Raad het gebruik van een nuttig instrument ter bestrijding van de overlast door hijgers onmogelijk heeft gemaakt.

    M3 - Article

    VL - 79

    SP - 382

    EP - 383

    JO - Nederlands Juristenblad

    JF - Nederlands Juristenblad

    SN - 0165-0483

    ER -

    van Laanen F. De hijger en artikel 239 Sr. Nederlands Juristenblad. 2004;79:382-383.