Abstract
Het verhogen van het wettelijke minimumloon (WML) en de toeslagen zijn dé maatregelen van het (demissionaire) kabinet om armoede te bestrijden. Voornoemde maatregelen dringen voornamelijk de armoede onder uitkeringsgerechtigden terug. De armoede onder uitkeringsgerechtigden is met bijna 22% hoog. Voornoemde maatregelen contrasteren scherp met een fiscale beleidstrend in de inkomstenbelasting waarbij uitkeringsgerechtigden sinds de invoering van de Wet IB 2001 relatief steeds meer inkomstenbelasting zijn gaan betalen dan werkenden (ruim 3% van de werkenden leeft in armoede). Die inkomensongelijkheid zet het draagkrachtbeginsel onder druk. Daarnaast laat dit onderzoek zien dat er een uitruil bestaat tussen het verhogen van de arbeidskorting en het armoederisico bij uitkeringsgerechtigden.
| Original language | Dutch |
|---|---|
| Article number | WFR 2024/116 |
| Pages (from-to) | 6-17 |
| Number of pages | 12 |
| Journal | Weekblad Fiscaal Recht |
| Volume | 2024 |
| Issue number | 7524 |
| Publication status | Published - 24 Apr 2024 |
Cite this
- APA
- Author
- BIBTEX
- Harvard
- Standard
- RIS
- Vancouver