Je Verdiende Loon?

Research output: Book/ReportBook

Abstract

Het meritocratievirus. Beleidsmakers, politici, werkgevers—steeds meer mensen lijden eraan. Het dringt door tot in de haarvaten van onze welvaartsstaat. Iedereen heeft ermee te maken, of het nu op de arbeidsmarkt, bij het UWV, of in de rechtbank is. We worden geacht verantwoordelijk te zijn voor al onze keuzes. Eigen schuld? Dikke bult! Een loser zijn is een keuze. En een winnaar zijn is dat ook.
Op het eerste gezicht lijkt ‘eigen schuld, dikke bult’ misschien een goed idee. Waarom zouden anderen ervoor moeten opdraaien als jouw keuzes verkeerd uitpakken? En waarom zouden anderen mee mogen profiteren van jouw successen?
Er wordt nogal wat goedgepraat met ‘meritocratie-talk’: Ben je arm? Tant pis! Had je er maar voor moeten kiezen om harder te werken. Wordt je werk geautomatiseerd? Pech! Had je maar een andere opleiding moeten kiezen.
In 2019 verdiende Tesla CEO Elon Musk bijvoorbeeld 40.668 keer meer dan de gemiddelde werknemer van Tesla. Zulke enorme verschillen in beloning vertalen zich in heel veel landen in een steeds verder groeiend gat tussen arm en rijk. Wereldwijd is dat gat inmiddels zo groot, dat de rijkste 26 mensen evenveel bezitten als de armste 3.8 miljard.
Niet alleen in Amerika, ook in Nederland valt het gat tussen arm en rijk allesbehalve mee. Van alle rijke landen is bij ons het gat het grootst, op Amerika na!

In dit boek wil ik de meritocratische luchtbel doorprikken. ‘Eigen schuld, dikke bult’ is bij nader inzien helemaal niet meritocratisch. Het is een waardevrije vorm van meritocratie.
Echte meritocratie vereist dat mensen een gelijke kans krijgen om succesvol te zijn. Daar is in onze liberale democratieën van vandaag geen sprake van.
Naast kansengelijkheid, vereist meritocratie ook dat we een discussie aangaan over wat waardevol is: wat verstaan we onder verdienste? Die discussie aangaan is eng. We gaan liever op de markt af om te bepalen wat waardevol is. Een prijs is immers een prijs. Lekker neutraal en objectief, zo lijkt het. Efficiënt, bovendien.
Maar ondertussen genereert de markt topbankiers, sigarettenproducenten en wapenhandelaren. Verdienen die echt een topsalaris? En hoe zit het met de hongerloontjes voor fabrieksarbeiders en schoonmakers? Die doen werk dat essentieel is om de economie draaiende te houden. Verdienen die niet wat meer?

Het is tijd om de meritocratische luchtbel achter ons te laten. Maar waarom dan toch vasthouden aan een meritocratie, ook al is die niet waardenvrij?
Verdienste is eigen aan mensen. Uit recent neurologisch en psychologisch onderzoek komt duidelijk naar voren dat mensen echte ‘meritocraten’ zijn. Ze vinden dat iedereen die een waardevolle bijdrage levert, daarvoor beloond dient te worden—niet alleen maar in geld, maar bijvoorbeeld ook in waardering.

In dit boek kom ik met voorstellen om het Nederlandse belastingstelsel zo kunnen hervormen dat het dichter bij een waardevolle vorm van meritocratie in de buurt komt.
Allereerst moet ons erfbelastingstelsel flink op de schop. Mark Rutte noemde de erfbelasting ooit “de meest onrechtvaardige vorm van belasting die bestaat”. Ik beargumenteer dat erfbelasting juist de meest rechtvaardige van alle belastingen is. Vermogen overerven is totaal niet meritocratisch: Kinderen verdienen het vermogen van hun ouders immers niet.
Om onze westerse democratieën meritocratischer te maken, zouden we de erfbelasting moeten hervormen in lijn met een voorstel dat de Italiaanse filosoof Eugenio Rignano in jaren twintig van de vorige eeuw deed: de erfbelasting moet flink omhoog—en oud geld moet zwaarder belast worden dan nieuw geld. Dat zal een stuk beter werken dan President Hollande’s vermogensbelasting die ertoe leidde dat veel rijke Fransen naar België, de UK of zelfs naar Rusland verhuisden, in ieder geval op papier.
Ten tweede richt ik me op het gat tussen de inkomens van rijk en arm. In landen als Amerika, Duitsland, en het Verenigd Koninkrijk is het de afgelopen jaren enorm gegroeid. Bij beursgenoteerde bedrijven in Amerika verdient de minst betaalde medewerker inmiddels 230 keer zo weinig als de CEO. Om die groei in topsalarissen een halt toe te roepen verdedig ik dat we naast een minimumloon, ook een maximumloon zouden moeten hebben.
Ten derde verdedig ik een voorwaardelijk basisinkomen. Het probleem met een onvoorwaardelijk basisinkomen, zoals Rutger Bregman het voorstelt, is dat mensen het krijgen het, ongeacht hoe ze hun tijd besteden. Ik denk dat er veel meer draagvlak is voor een voorwaardelijke variant. Een basisinkomen dat mensen krijgen als ze onbetaald werk doen dat van waarde is voor anderen. Bijvoorbeeld voor vrijwilligerswerk, zorgtaken en of het scheppen van kunst.

Meritocratie? Ja! Maar wel met waarde graag. Dan wordt onze samenleving niet alleen rechtvaardiger, maar voelen mensen zich ook gewaardeerd om hun bijdrage en inspanning.
Original languageEnglish
PublisherPluim
Number of pages250
Publication statusIn preparation - 2022

Fingerprint Dive into the research topics of 'Je Verdiende Loon?'. Together they form a unique fingerprint.

  • Cite this