Tussen feit en fictie, of over het recht om te trouwen en een gezin te stichten: een jurisprudentieanalyse van artikel 12 EVRM

Research output: Contribution to journalArticleScientificpeer-review

Abstract

Dit artikel geeft een kort overzicht van de totstandkoming van en de jurisprudentie die tot nu toe is gewezen met betrekking tot artikel 12 EVRM, waarin het recht om te huwen en een gezin te stichten is vervat. Dit recht is in het verdrag opgenomen als klassiek afweerrecht, dat de burger bescherming biedt tegen overheidsinmenging in zijn privésfeer, en als gelijkheidsartikel, dat een gelijke behandeling garandeert aan migranten, vrouwen, religieuze en andere minderheden. Het Hof benadert artikel 12 echter vanuit een conservatief-christelijke invalshoek en biedt slechts bescherming aan de huwelijksverbintenis tussen man en vrouw en aan de creatie van het traditionele gezin via biologische wijze. Het keurt zeer verregaande statelijke beperkingen op de rechten van minderheden goed, ontzegt homoseksuelen het recht om te trouwen en biedt geen bescherming aan mensen die willen scheiden of een gezin willen stichten via een niet-biologische weg, zoals kunstmatige inseminatie of adoptie. In de laatste jaren lijkt er echter een versoepeling plaats te hebben in de benadering van het Hof en lijkt het op een aantal punten op zijn eerdere rechtspraak terug te komen. Zal deze herbevestiging van de oorspronkelijke uitgangspunten van de verdragsopstellers met betrekking tot artikel 12 EVRM zich voortzetten?
Original languageEnglish
Pages (from-to)361-380
Number of pages20
JournalNJCM-bulletin
Volume38
Issue number3
Publication statusPublished - 2013
Externally publishedYes

Cite this

@article{aa7ff59210bc4bdf9f3a278dc259a060,
title = "Tussen feit en fictie, of over het recht om te trouwen en een gezin te stichten: een jurisprudentieanalyse van artikel 12 EVRM",
abstract = "Dit artikel geeft een kort overzicht van de totstandkoming van en de jurisprudentie die tot nu toe is gewezen met betrekking tot artikel 12 EVRM, waarin het recht om te huwen en een gezin te stichten is vervat. Dit recht is in het verdrag opgenomen als klassiek afweerrecht, dat de burger bescherming biedt tegen overheidsinmenging in zijn priv{\'e}sfeer, en als gelijkheidsartikel, dat een gelijke behandeling garandeert aan migranten, vrouwen, religieuze en andere minderheden. Het Hof benadert artikel 12 echter vanuit een conservatief-christelijke invalshoek en biedt slechts bescherming aan de huwelijksverbintenis tussen man en vrouw en aan de creatie van het traditionele gezin via biologische wijze. Het keurt zeer verregaande statelijke beperkingen op de rechten van minderheden goed, ontzegt homoseksuelen het recht om te trouwen en biedt geen bescherming aan mensen die willen scheiden of een gezin willen stichten via een niet-biologische weg, zoals kunstmatige inseminatie of adoptie. In de laatste jaren lijkt er echter een versoepeling plaats te hebben in de benadering van het Hof en lijkt het op een aantal punten op zijn eerdere rechtspraak terug te komen. Zal deze herbevestiging van de oorspronkelijke uitgangspunten van de verdragsopstellers met betrekking tot artikel 12 EVRM zich voortzetten?",
author = "{van der Sloot}, B.",
year = "2013",
language = "English",
volume = "38",
pages = "361--380",
journal = "NJCM-bulletin",
issn = "0167-8434",
number = "3",

}

Tussen feit en fictie, of over het recht om te trouwen en een gezin te stichten: een jurisprudentieanalyse van artikel 12 EVRM. / van der Sloot, B.

In: NJCM-bulletin, Vol. 38, No. 3, 2013, p. 361-380.

Research output: Contribution to journalArticleScientificpeer-review

TY - JOUR

T1 - Tussen feit en fictie, of over het recht om te trouwen en een gezin te stichten: een jurisprudentieanalyse van artikel 12 EVRM

AU - van der Sloot, B.

PY - 2013

Y1 - 2013

N2 - Dit artikel geeft een kort overzicht van de totstandkoming van en de jurisprudentie die tot nu toe is gewezen met betrekking tot artikel 12 EVRM, waarin het recht om te huwen en een gezin te stichten is vervat. Dit recht is in het verdrag opgenomen als klassiek afweerrecht, dat de burger bescherming biedt tegen overheidsinmenging in zijn privésfeer, en als gelijkheidsartikel, dat een gelijke behandeling garandeert aan migranten, vrouwen, religieuze en andere minderheden. Het Hof benadert artikel 12 echter vanuit een conservatief-christelijke invalshoek en biedt slechts bescherming aan de huwelijksverbintenis tussen man en vrouw en aan de creatie van het traditionele gezin via biologische wijze. Het keurt zeer verregaande statelijke beperkingen op de rechten van minderheden goed, ontzegt homoseksuelen het recht om te trouwen en biedt geen bescherming aan mensen die willen scheiden of een gezin willen stichten via een niet-biologische weg, zoals kunstmatige inseminatie of adoptie. In de laatste jaren lijkt er echter een versoepeling plaats te hebben in de benadering van het Hof en lijkt het op een aantal punten op zijn eerdere rechtspraak terug te komen. Zal deze herbevestiging van de oorspronkelijke uitgangspunten van de verdragsopstellers met betrekking tot artikel 12 EVRM zich voortzetten?

AB - Dit artikel geeft een kort overzicht van de totstandkoming van en de jurisprudentie die tot nu toe is gewezen met betrekking tot artikel 12 EVRM, waarin het recht om te huwen en een gezin te stichten is vervat. Dit recht is in het verdrag opgenomen als klassiek afweerrecht, dat de burger bescherming biedt tegen overheidsinmenging in zijn privésfeer, en als gelijkheidsartikel, dat een gelijke behandeling garandeert aan migranten, vrouwen, religieuze en andere minderheden. Het Hof benadert artikel 12 echter vanuit een conservatief-christelijke invalshoek en biedt slechts bescherming aan de huwelijksverbintenis tussen man en vrouw en aan de creatie van het traditionele gezin via biologische wijze. Het keurt zeer verregaande statelijke beperkingen op de rechten van minderheden goed, ontzegt homoseksuelen het recht om te trouwen en biedt geen bescherming aan mensen die willen scheiden of een gezin willen stichten via een niet-biologische weg, zoals kunstmatige inseminatie of adoptie. In de laatste jaren lijkt er echter een versoepeling plaats te hebben in de benadering van het Hof en lijkt het op een aantal punten op zijn eerdere rechtspraak terug te komen. Zal deze herbevestiging van de oorspronkelijke uitgangspunten van de verdragsopstellers met betrekking tot artikel 12 EVRM zich voortzetten?

M3 - Article

VL - 38

SP - 361

EP - 380

JO - NJCM-bulletin

JF - NJCM-bulletin

SN - 0167-8434

IS - 3

ER -