Vergoeding van renteschade: enige opmerkingen over fictie, fixatie en aanvangstijdstippen bij wettelijke rente

W.H. van Boom

Research output: Contribution to journalArticleScientific

Abstract

Wanneer een debiteur nalatig is met het voldoen van een geldschuld, dan lijdt de crediteur vrijwel steeds renteschade. Deze schade komt in het algemeen gesproken voor vergoeding in aanmerking, maar het is lang niet altijd eenvoudig om aan te geven of in een concreet geval recht bestaat op vergoeding en zo ja, tot welk bedrag. In deze bijdrage zal een aantal opmerkingen worden gemaakt over het recht op vergoeding van deze renteschade. In het bijzonder wordt aandacht besteed aan de vraag (vanaf) wanneer men recht heeft op wettelijke rente bij wijze van vergoeding van renteschade (§ 3), vooral ook met betrekking tot enige specifieke schadesoorten (§ 4), en hoe vergoeding van renteschade bij zogenaamde afgeleide schadevergoedingsgerechtigden en -plichtigen is geregeld (§ 5). Daaraan voorafgaand zal worden stilgestaan bij de aard van renteschade en van het recht op vergoeding ervan (§ 2). Overigens is niet beoogd een overzicht (laat staan: een uitputtend overzicht) te geven van álle problemen die verband houden met renteschade.
Original languageDutch
Pages (from-to)108-113
Number of pages6
JournalHet Verzekerings-archief
Publication statusPublished - 1999

Cite this