Zeggenschap in de publieke onderneming: Empty voting, hidden ownership, securities lending en short selling

Piet Duffhues, S. van Oirschot

Research output: Contribution to journalArticleProfessional

Abstract

Het stemrecht op aandelen in publieke ondernemingen is na een lange periode van betrekkelijke desinteresse opnieuw terug in de aandacht van ondernemingen, beleggers, toezichthouders, juristen, academische onderzoekers en wetgevers. Traditioneel hielden alleen ondernemingen zich via de Algemene Vergadering van Aandeelhouders (AVA) bezig met het regelen van het stemrecht. Sinds enkele jaren doen dat ook de financiële markten zelf en wel op afstand van de onderneming. Dit vindt plaats in de vorm van financiële transacties die als innovatief kunnen worden beschouwd waardoor het cashflowrecht wordt gescheiden van het stemrecht op aandelen (‘ontkoppeling’ en ‘vote trading’). Traditioneel zijn deze twee rechten gebonden aanwezig in aandelen. De implicaties van deze transacties plaatsen de leiding van ondernemingen en de wetgever voor grote afwegingsproblemen. Dit artikel concludeert dat er geen reden is om de nieuwe financiële transacties a priori af te wijzen omdat deze vaak zullen berusten op een economisch rationele grondslag. Omdat concurrentiebeperking en het onttrekken van ‘private benefits’ hoofddoelen van de stemmende aandeelhouder kunnen zijn, is echter waakzaamheid geboden. Desondanks bieden deze overwegingen geen steekhoudend argument tegen ontkoppeling, omdat dit motief even goed leidend kan zijn wanneer cashflow- en zeggenschapsrechten niet gescheiden zijn.
Original languageDutch
Pages (from-to)306-316
JournalMaandblad voor Accountancy en Bedrijfseconomie
Volume85
Issue number6
Publication statusPublished - 2011

Cite this

@article{795cd15521b0475fb31d46421059537e,
title = "Zeggenschap in de publieke onderneming: Empty voting, hidden ownership, securities lending en short selling",
abstract = "Het stemrecht op aandelen in publieke ondernemingen is na een lange periode van betrekkelijke desinteresse opnieuw terug in de aandacht van ondernemingen, beleggers, toezichthouders, juristen, academische onderzoekers en wetgevers. Traditioneel hielden alleen ondernemingen zich via de Algemene Vergadering van Aandeelhouders (AVA) bezig met het regelen van het stemrecht. Sinds enkele jaren doen dat ook de financi{\"e}le markten zelf en wel op afstand van de onderneming. Dit vindt plaats in de vorm van financi{\"e}le transacties die als innovatief kunnen worden beschouwd waardoor het cashflowrecht wordt gescheiden van het stemrecht op aandelen (‘ontkoppeling’ en ‘vote trading’). Traditioneel zijn deze twee rechten gebonden aanwezig in aandelen. De implicaties van deze transacties plaatsen de leiding van ondernemingen en de wetgever voor grote afwegingsproblemen. Dit artikel concludeert dat er geen reden is om de nieuwe financi{\"e}le transacties a priori af te wijzen omdat deze vaak zullen berusten op een economisch rationele grondslag. Omdat concurrentiebeperking en het onttrekken van ‘private benefits’ hoofddoelen van de stemmende aandeelhouder kunnen zijn, is echter waakzaamheid geboden. Desondanks bieden deze overwegingen geen steekhoudend argument tegen ontkoppeling, omdat dit motief even goed leidend kan zijn wanneer cashflow- en zeggenschapsrechten niet gescheiden zijn.",
author = "Piet Duffhues and {van Oirschot}, S.",
year = "2011",
language = "Dutch",
volume = "85",
pages = "306--316",
journal = "Maandblad voor Accountancy en Bedrijfseconomie",
issn = "0924-6304",
number = "6",

}

Zeggenschap in de publieke onderneming : Empty voting, hidden ownership, securities lending en short selling. / Duffhues, Piet; van Oirschot, S.

In: Maandblad voor Accountancy en Bedrijfseconomie, Vol. 85, No. 6, 2011, p. 306-316.

Research output: Contribution to journalArticleProfessional

TY - JOUR

T1 - Zeggenschap in de publieke onderneming

T2 - Empty voting, hidden ownership, securities lending en short selling

AU - Duffhues, Piet

AU - van Oirschot, S.

PY - 2011

Y1 - 2011

N2 - Het stemrecht op aandelen in publieke ondernemingen is na een lange periode van betrekkelijke desinteresse opnieuw terug in de aandacht van ondernemingen, beleggers, toezichthouders, juristen, academische onderzoekers en wetgevers. Traditioneel hielden alleen ondernemingen zich via de Algemene Vergadering van Aandeelhouders (AVA) bezig met het regelen van het stemrecht. Sinds enkele jaren doen dat ook de financiële markten zelf en wel op afstand van de onderneming. Dit vindt plaats in de vorm van financiële transacties die als innovatief kunnen worden beschouwd waardoor het cashflowrecht wordt gescheiden van het stemrecht op aandelen (‘ontkoppeling’ en ‘vote trading’). Traditioneel zijn deze twee rechten gebonden aanwezig in aandelen. De implicaties van deze transacties plaatsen de leiding van ondernemingen en de wetgever voor grote afwegingsproblemen. Dit artikel concludeert dat er geen reden is om de nieuwe financiële transacties a priori af te wijzen omdat deze vaak zullen berusten op een economisch rationele grondslag. Omdat concurrentiebeperking en het onttrekken van ‘private benefits’ hoofddoelen van de stemmende aandeelhouder kunnen zijn, is echter waakzaamheid geboden. Desondanks bieden deze overwegingen geen steekhoudend argument tegen ontkoppeling, omdat dit motief even goed leidend kan zijn wanneer cashflow- en zeggenschapsrechten niet gescheiden zijn.

AB - Het stemrecht op aandelen in publieke ondernemingen is na een lange periode van betrekkelijke desinteresse opnieuw terug in de aandacht van ondernemingen, beleggers, toezichthouders, juristen, academische onderzoekers en wetgevers. Traditioneel hielden alleen ondernemingen zich via de Algemene Vergadering van Aandeelhouders (AVA) bezig met het regelen van het stemrecht. Sinds enkele jaren doen dat ook de financiële markten zelf en wel op afstand van de onderneming. Dit vindt plaats in de vorm van financiële transacties die als innovatief kunnen worden beschouwd waardoor het cashflowrecht wordt gescheiden van het stemrecht op aandelen (‘ontkoppeling’ en ‘vote trading’). Traditioneel zijn deze twee rechten gebonden aanwezig in aandelen. De implicaties van deze transacties plaatsen de leiding van ondernemingen en de wetgever voor grote afwegingsproblemen. Dit artikel concludeert dat er geen reden is om de nieuwe financiële transacties a priori af te wijzen omdat deze vaak zullen berusten op een economisch rationele grondslag. Omdat concurrentiebeperking en het onttrekken van ‘private benefits’ hoofddoelen van de stemmende aandeelhouder kunnen zijn, is echter waakzaamheid geboden. Desondanks bieden deze overwegingen geen steekhoudend argument tegen ontkoppeling, omdat dit motief even goed leidend kan zijn wanneer cashflow- en zeggenschapsrechten niet gescheiden zijn.

M3 - Article

VL - 85

SP - 306

EP - 316

JO - Maandblad voor Accountancy en Bedrijfseconomie

JF - Maandblad voor Accountancy en Bedrijfseconomie

SN - 0924-6304

IS - 6

ER -